Er bestaan circa 14-15.000 soorten paddenstoelen in de wereld, van circa 700 soorten is bekend dat ze medicinale eigenschappen hebben (Hawksworth, 2001). Er wordt echter geschat dat circa 1.800 soorten potentiële kandidaten zijn met medicinale eigenschappen. Veel, zo niet alle paddenstoelen, bevatten polysacchariden. Deze polysacchariden kennen bepaalde eigenschappen die een medicinale werking kunnen hebben in bepaalde verhoudingen en is veelal de basis en insteek waarop wetenschappelijk onderzoek wordt geïnitieerd.

Al vele eeuwen wordt mycotherapie echter al toegepast in de traditionele Chinese en Japanse geneeskunde zonder de wetenschappelijke onderbouwing maar wel met resultaat. Sinds de jaren '50 van de vorige eeuw is men voornamelijk in Japan en China begonnen om deze traditionele toepassingen met wetenschap te gaan staven. Inmiddels bestaat er zeer veel onderzoek waarin de werking van bepaalde paddenstoelen en stoffen wordt bevestigd, maar veelal nog in het Chinees of Japans.

De Westerse geneeskunde is recent geïnteresseerd geraakt doordat men op zoek is naar nieuwe stoffen met medicinale eigenschappen. De wijdverbreide toepassing van mycotherapie in veel Aziatische landen, ook op het gebied van kanker, heeft de belangstelling doen groeien. Een aantal instituten in de Verenigde Staten, Duitsland, Portugal en Italië is daarom eind jaren '90 begonnen met wetenschappelijk onderzoek op dit vlak. Eerst via de ontleding van de farmacologische eigenschappen, het doen van dierproeven en maar ook resultaten uit onderzoek bij mensen. Daarnaast zijn er in 2009 en 2010 studies uit Japan en China vertaald en gepubliceerd in het Engels. Het blijkt dat de stoffen uit bepaalde paddenstoelen een antivirale en immuunsysteem versterkende werking hebben. Bekende stoffen zijn bijvoorbeeld beta 1,3 glucaan, lentines en polysaccharides. Bij het doen van wetenschappelijk onderzoek kennen de Westerse geneeskundige wetenschappers wel een handicap: het overgrote deel van de "Westerse" geneesmiddelen bestaat uit slechts één enkele werkzame stof die een effect beoogt. In de traditionele Chinese geneeskunde (TCM) bestaan de meeste recepturen veelal uit meerdere stoffen die elkaar beïnvloeden. Het meten van de effecten van de diverse elkaar beïnvloedende stoffen is vanuit een Westers oogpunt moeilijk maar de techniek levert steeds meer mogelijkheden om dit wel vast te leggen. Ook nu China deelneemt aan de wereldhandel en een meer open cultuur kent zien we steeds vaker op Westerse leest gestoeld onderzoek uit die hoek komen. Er zijn in de laatste drie jaar veel onderzoeken gepubliceerd die de werking van bepaalde Chinese formules laat zien waarbij naar het totale effect van de formule wordt gekeken anders dan een analyse van de afzonderlijke stoffen. 

Effecten van paddenstoelen
    1. Hematologische effecten
      Deze groep van effecten laat zien dat paddenstoelen een werking kunnen hebben op de bloedcellen
    2. Antivirale effecten
    3. Anti tumor effecten
    4. Anti oxidant werking
    5. Cardiovasculaire effecten
    6. Werking op de nieren

In Japan zijn er al tientallen jaren geregistreerde geneesmiddelen gebaseerd op stoffen (PSK en PSP) uit de Coriolus versicolor die complementair worden ingezet bij de behandeling van dikke darm, endeldarm en maagkanker. De Japanse farmaceut die het geneesmiddel produceert kent een jaaromzet van circa 600 miljoen US dollar (!). Klinische onderzoeken tonen aan de werking aan, de overlevingskans gaat omhoog, patiënten voelen zich minder ziek en de werking van de andere therapieën, zoals chemotherapie, gaan omhoog.

Mycotherapie als (complementair) middel bij de behandeling van diverse ziekten en aandoeningen heeft voorzichtig haar plaats in de medische wereld veroverd en gaat zeker een belangrijke rol spelen in de nabije toekomst. Medidb heeft een analyse uitgevoerd naar bestaand wetenschappelijk onderzoek ten aanzien van een achttal medicinale paddenstoelen te weten: de Agaricus blazei, Coriolus versicolor, Poria cocos, Cordyceps sinensis, Ganoderma lucidum, Grifola frondosa, Lentinula edodes en Pleurotus ostreatus. In totaal bestaan er ruim 3700 onderzoeken naar deze paddenstoelen (stand december 2010). De laatste jaren zien we echter een duidelijk stijging in het aantal onderzoeken, de belangstelling vanuit het Westen is toegenomen zoals we ook kunnen zien in onderstaande grafiek: 

De meest vergevorderde onderzoeken zijn gedaan met de Coriolus versicolor, de Grifola frondosa en de Lentinula edodes. De toepassingsgebieden van stoffen uit deze paddenstoelen waarnaar wordt gekeken in onderzoek zijn anti kanker, anti cholesterol, anti oxidant, anti viraal, anti allergie, ontstekingsremmers en andere, in totaal circa 126 verschillende toepassingsgebieden (Wasser 2010).

Concluderend kunnen we stellen dat na een tiental jaren van meer intensief wetenschappelijk onderzoek de eerste resultaten veelbelovend zijn en er al bepaalde stoffen uit paddenstoelen zijn verwerkt in (complementaire) geneesmiddelen. Er is nog veel te ontdekken op dit gebied maar de eerste wetenschappelijk onderbouwde werking en toepassingen zijn een feit.

Onderstaand een overzicht van onderzoek wat is gedaan naar de medicinale eigenschappen van een aantal paddenstoelen. Deze opsomming is niet limitatief maar geeft wel een overzicht van de huidige kennis: 

Referenties
    1. Wasser, S.P. , Current findings, future trends, and unsolved problems in studies of medicinal mushrooms, 2011, Appl Microbiol Biotechnol. Mar;89(5):1323-32. PMID: 21190105
    2. Hawksworth, D.L. - Mushrooms: the extent of the unexplored potential, 2001, International Journal Medicinal Mushrooms, Vol. 3, pp: 333-337